Ontvang een e-mail bij een prijsdaling tot onder je gewenste prijs.
Je ontvangt een e-mail wanneer de prijs daalt.
We volgen de prijsontwikkeling van dit product op bol.com (Nederland).
Verschenen in de serie "Bibliotheek der Nederlandse Letteren", samengesteld en ingeleid door Kees Fens. Met kenmerkende bruine linnen band met goudopdruk van auteur, titel en streeppatroon. Uitgegeven door Elsevier - Amsterdam/Brussel.
Inleiding (eerste pagina daarvan) - Karel van de Woestijne is nooit jong geweest. Hij was van meet af aan oud met de ouderdom van het tijdperk waarin hij opgroeide: de laatste decennia van de negentiende eeuw, die in zoveel opzichten de karaktertrekken van een herfsttij hebben, met overcultuur, tegenstrijdigheden, verzadiging en een overvloed aan eens levend cultuurgoed dat zich door de laatste gebruikers ervan nog slechts als beeldmateriaal laat gebruiken. Zijn eerste bundel gedichten, die in 1903 verscheen en de poëzie omvat die hij tussen 1896 en 1902 schreef - tussen zijn achttiende en vierentwintigste jaar heet Het vader-huis, vaderbeeld, vaderhuis is het huis van de jeugd - spiegelbeeld blijkt
- Ik was een kind, en mat het leven aan den lach van mijne moeder, die niet blij was, en aan 't waren der schemeringen om de bomen, en der jaren om 't vredig leven van den roerelozen dag.
En daarmee is het kind al meteen in de tijd der ouderen opgenomen. De verzen uit de bundel zijn zo opvallend van kwaliteit, de later voor het hele oeuvre van Van de Woestijne karakteristiek blijkende toon en zeer eigen taalgebruik zijn al zo sterk aanwezig, dat men moet vaststellen dat Van de Woestijne ook als dichter nauwelijks een jeugd heeft gekend.
Bekijk ook eens deze gerelateerde producten.